Wat is er nieuw in de WCAG 2.2?

Door WCAG Geen Reacties

De structuur achter de technische kant van digitale toegankelijkheid is gebaseerd op de wereldwijde richtlijnen van het World Wide Web Consortium (W3C). Deze internationale gemeenschap heeft de Web Content Accessibility Guidelines (WCAG) vastgesteld. In deze richtlijnen wordt beschreven aan welke voorwaarden apps en websites moeten voldoen om digitaal toegankelijk te zijn.

Eerder hebben we in een artikel deze webrichtlijnen toegelicht. De technologieën waarop websites en apps gebaseerd zijn, vernieuwen constant. Om zo relevant mogelijk te blijven, worden de richtlijnen daarom regelmatig vernieuwd. Momenteel gelden de WCAG 2.1 richtlijnen, maar de W3C is volop aan het werk om de meest recente versie te publiceren; de WCAG 2.2.

In dit artikel worden de belangrijkste veranderingen van de WCAG 2.2 besproken.

twee handen aan het typen op een laptop

Wanneer wordt de WCAG 2.2 gepubliceerd?

Niet alles verloopt altijd volgens planning, ook voor het W3C gaat dit op. Zo is de publicatie van de WCAG 2.2 al enkele malen uitgesteld. In eerste instantie zouden de nieuwe richtlijnen in de herfst van 2020 ingaan. Voor nu staat de publicatie van de WCAG 2.2 voor juni 2021 gepland.

Ben je developer en wil je bijdragen? De W3C is altijd op zoek naar inbreng van ervaringsdeskundigen. Via Github is het mogelijk om feedback naar de Accessibility Guidelines Working Group te sturen.

Wat zijn de belangrijkste veranderingen?

De 2.2 versie van de webrichtlijnen vloeit voort uit de eerdere versie, de WCAG 2.2. Dit betekent dat de nieuwe versie een toevoeging is op de bestaande criteria, niet een volledig nieuwe lijst met criteria. Het is vrij zeker dat dit de laatste update van de WCAG 2 is, er komt waarschijnlijk dus geen WCAG 2.3. In de volgende versie, de WCAG 3.0, worden er niet alleen nieuwe criteria toegevoegd, de huidige worden ook opnieuw beoordeeld.

Voor nu is het belangrijk om te weten dat de komst van de WCAG 2.2 vooral betekent dat er nieuwe criteria aan de checklist toegevoegd worden. Wat deze criteria precies zijn, is hieronder uitgewerkt.

Wat zijn de nieuwe criteria van de WCAG 2.2?

De meest recente conceptversie van de WCAG 2.2 biedt een inzicht in de nieuwe eisen die aan toegankelijke internet content gesteld gaan worden. Ook deze versie van de WCAG is niet heel toegankelijk geschreven. Vandaar dat hieronder de WCAG 2.2 criteria per onderdeel in begrijpelijke taal toegelicht worden.

Accessible Authentication (3.3.7)

Dit criterium stelt dat het voor iedereen mogelijk moet zijn om functies als ‘wachtwoord vergeten’ te gebruiken op websites. De authenticatie moet dus voor alle bezoekers toegankelijk zijn. Een praktijkvoorbeeld hiervan is de optie ‘wachtwoord vergeten’ op websites waar een gebruikersaccount nodig is. Volgens de WCAG 2.2 mogen websites geen authenticatie-tests hanteren waarbij cognitieve tests uitgevoerd worden. Deze tests worden momenteel door websites gebruikt om ‘echte’ gebruikers te onderscheiden van bots.

Spam voorkomen is voor developers altijd belangrijk. Dat het op een toegankelijke manier gebeurt, is helaas nog niet vanzelfsprekend. Lees hier meer over hoe webmasters spam kunnen voorkomen zonder de digitale toegankelijkheid in gevaar te brengen.

Dragging Movements

Voor veel bezoekers is de mogelijkheid om bestanden naar een website te slepen (drag and drop) het toppunt van gebruikersgemak. Dit gaat echter niet voor iedereen op. Drag and drop vereist namelijk een redelijk precieze beweging met de muis. Voor gebruikers met een motorische beperking is het slepen van bestanden niet altijd gemakkelijk. Vandaar dat de WCAG 2.2 stelt dat toegankelijke websites niet alleen maar een drag and drop mogelijkheid moeten bieden, maar ook toegankelijke alternatieven. Een voorbeeld van zo’n alternatief is een knop die gebruikers kunnen aanklikken op iets te uploaden.

iemand van achter gezien aan een laptop

Findable Help

Vooral grote bedrijven zijn er goed in: het verstoppen van contactgegevens. Dit is een effectieve manier om de werkdruk van medewerkers van de helpdesk te verminderen. Voor consumenten is het minder plezierig. De WCAG 2.2 stelt dan ook dat het voor gebruikers makkelijk moet zijn om hulpmiddelen als een FAQ (Frequently Asked Questions) of contactinformatie te vinden. Het advies is om deze informatie op iedere pagina terug te laten komen, bijvoorbeeld in de header of de footer van de pagina.

Bedrijven en organisaties staan er vaak niet bij stil, maar niet iedereen is in staat om een telefoonnummer te bellen voor hulp. Denk bijvoorbeeld aan het maken van afspraak bij de huisarts of een reservering plaatsen bij je favoriete restaurant als je doof of slechthorend bent. Digitaal Toegankelijk.nl’s Claire legt in dit artikel uit hoe zij deze barrières ervaart.

Fixed Reference Points

Dit criterium richt zich op content in EPUB en andere soortgelijke formaten. Vaak wordt EPUB gebruikt om eBooks en digitale documenten online te plaatsen. Reference Points, of referentiepunten in het Nederlands, zijn onderdelen als paginanummers. In de WCAG 2.2 staat dat deze onderdelen op een vaste plek (fixed) moeten staan. Dit helpt gebruikers om gemakkelijk te zien waar pagina’s opgebroken worden.

Wist je dat er quick wins zijn op het gebied van toegankelijke PDFs? Onze tips voor een toegankelijke PDF lees je in dit artikel.

Focus Appearance

Dit punt is een toevoeging op criterium 2.4.7 uit de huidige richtlijnen. Dit criterium slaat op de begeleiding voor mensen die het toetsenbord (in plaats van een muis) gebruiken om door een site te navigeren. In de huidige richtlijnen staat dat er een focus zichtbaar moet zijn voor de huidig geselecteerde optie (dus wat je aan het selecteren bent). Vanaf WCAG 2.2 dienen toegankelijke websites voor die focus een contrastratio van minstens 3:1 te bieden voor een AA label of minstens 4.5:1 voor het label AAA.

In de onderstaande afbeelding is een voorbeeld van zo’n focuspunt te zien, afkomstig uit ons onderzoek naar de toegankelijkheid van de websites van Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht.

'Informatie voor ondernemers' wordt momenteel geselecteerd en is voorzien van arcering.

‘Informatie voor ondernemers’ wordt momenteel geselecteerd en is voorzien van arcering.

Hidden Controls

Elementen op een website die gebruikt worden om een proces to voltooien, zoals de ‘verstuur knop’ onderaan een contactformulier, moeten duidelijk zichtbaar zijn. Momenteel verstoppen of verkleinen designers deze knop nog wel eens, voor een betere ‘look and feel’.

Pointer Target Spacing

Vooral op mobiele apparaten is het moeilijk om op kleine knoppen en links te klikken, helemaal als deze dicht op elkaar staan. In de WCAG 2.2 zal daarom een minimumafstand staan vermeld die er tussen twee interactieve elementen moet zijn. Dit geldt overigens ook voor desktop versies van digitale producten, niet alleen voor de mobiele versies.

Redundant Entry

Het laatste nieuwe criterium heeft betrekking op online formulieren. Websites zouden het niet moeten verplichten om informatie opnieuw in te voeren als dit niet nodig is. Een voorbeeld hiervan is het tweemaal invullen van adresgegevens, voor het betaaladres en het bezorgadres. Een uitzondering wordt gemaakt voor informatie die noodzakelijkerwijs twee keer ingevuld moet worden.

Voldoen aan de WCAG 2.2

Een uitgebreid (en minder toegankelijk) overzicht van de de conceptversie van de WCAG is terug te vinden op de website van de W3C. Is het na het lezen van de nieuwe criteria nog niet duidelijk of de website van jouw organisatie aan de richtlijnen gaat voldoen? Digitaal Toegankelijk.nl denkt graag met overheden en organisaties mee om tot exclusieve online producten te komen.

 

Online onderwijs voor studenten met autisme

Door Autisme, Cognitieve Beperking Geen Reacties

Ruim 9 maanden geleden ging Nederland een intelligente lockdown in. Winkels, restaurants en ook universiteiten sloten hun deuren om zo de verspreiding van het coronavirus in te dammen. De impact die deze lockdown had en nog steeds heeft, is ongekend.

Ook studenten worden door de maatregelen geraakt. Vóór de lockdown hadden veel studenten naast het studeren, een rijk sociaal leven. Nu wonen, werken en studeren ze vaak vanachter de laptop in hun kleine studentenkamer. Uit onderzoek blijkt dat vergeleken met andere leeftijdsgroepen, het isolement dat bij studenten is ontstaan door corona zorgt voor meer depressie en eenzaamheid.

student zit op bed met laptop

Los van het sociale isolement, brengen de maatregelen ook andere wijzigingen met zich mee. Want in hoeverre zijn universiteiten in staat om hun onderwijsmethoden – van college tot tentamen – om te zetten naar online? En in hoeverre houden ze hierbij ook rekening met studenten met een beperking?

Digitaal Toegankelijk.nl sprak met Eva*, masterstudent Communicatiewetenschap aan de Vrije Universiteit Amsterdam, over haar ervaringen met online onderwijs en online tentamens als student met autisme.

*Eva’s echte naam is bij Digitaal Toegankelijk.nl bekend

Terugkijken van colleges

Juist voor studenten met een autismespectrumstoornis, is het waardevol om colleges terug te kunnen kijken. De kenmerken van een live college (pre-corona) met alle prikkels van dien vallen hierdoor weg. Echter blijkt het in de praktijk niet altijd mogelijk. De mails van Eva naar docenten om de colleges op te nemen, werden niet altijd goed ontvangen. Pas na ingrijpen van de studieadviseur van Eva werden alle colleges opgenomen zodat deze op een ander moment terug gekeken kunnen worden.

Waar Eva op de UvA tussen honderden andere studenten in een grote zaal haar tentamens moest maken, was er op de Vrije Universiteit een prikkelarme ruimte beschikbaar. Helaas heeft Eva hier geen gebruik van kunnen maken, omdat alle tentamens dit studiejaar online zijn afgenomen i.v.m. corona. En ze merkt dat er bij de online tentamens minder rekening gehouden wordt met studenten met een beperking.

Online tentamens 

De overgang van tentamens maken in een grote zaal naar tentamens maken op een studentenkamer heeft voor veel studenten voor impact gezorgd. Waar colleges zonder veel extra problemen thuis gevolgd kunnen worden, is dit voor tentamens een stuk ingewikkelder. Universiteiten moeten op afstand kunnen checken dat studenten niet tijdens het tentamen informatie opzoeken of op andere manieren frauderen.

‘Online proctoring’ is een veelgebruikte oplossing voor dit probleem. Het is een soort online surveillance, waarbij studenten op verschillende manieren in de gaten worden gehouden tijdens het maken van een tentamen. Via de webcam worden studenten non-stop gefilmd, het scherm van de laptop wordt opgenomen en sommige universiteiten eisen zelfs dat de student zijn/haar telefoon achter het bureau plaatst zodat de gehele kamer gezien wordt.

Voor de tentamens van Eva gold dat ze haar scherm moest delen en toegang tot haar webcam moest verlenen. Zo kon zij (en andere studenten) tentamens maken vanuit haar huis, met alle voordelen van dien. Echter heeft deze vorm van het afnemen van tentamens ook nadelen. Want, in een tentamenzaal kan je je vinger opsteken als er iets fout gaat, maar hoe doe je dit tijdens een online tentamen? Gebruik van een telefoon wordt als fraude bestempeld. Daarnaast, wie moet je eigenlijk bellen?

 

student op bank met laptop

Onbereikbaarheid

Eva heeft dit probleem zelf ook ondervonden. Ze heeft vanwege haar autisme, altijd recht op extra tijd om haar tentamens te maken. Tijdens een recent tentamen bleek dat er geen rekening was gehouden met de extra tijd die ze zou moeten krijgen.

In een poging dit recht te zetten, contacteerde ze de helpdesk van de online proctoring software. Die reageerde wel, maar kon Eva niet verder helpen. Haar docent en studieadviseur waren tijdens het tentamen niet bereikbaar, omdat het niet toegestaan is om een ander scherm dan het tentamenscherm open te hebben.  De stress die die dit opleverde zet je met autisme niet zomaar van je af. Hierdoor kon Eva én pas later aan de slag met het tentamen én had zij minder tijd om het tentamen te voltooien.

Tip van Eva: verplaats je in de ander

Studenten staan er tijdens de tentamens alleen voor. De afwezigheid van een contactmogelijkheid raakt juist de studenten die het nodig hebben extra hard. Na ruim 9 maanden online onderwijs zouden universiteiten meer moeten inzetten op online ondersteuning en het anders aan moeten pakken. Eva’s belangrijkste tip voor universiteiten is daarom om het probleem door de ogen van mensen die niet hetzelfde zijn als jij, te zien.

 


Vandaag de dag is een onderwijssysteem dat voor iedereen in dezelfde mate te gebruiken valt nog belangrijker dan ooit. Digitaal Toegankelijk.nl verzamelt daarom de ervaringen van studenten uit heel het land. Ben of ken jij iemand die een vergelijkbare ervaring heeft meegemaakt? Laat het ons weten! Bezoek de contactpagina en stuur ons een mailtje.

Klik hier om meer te lezen over digitale toegankelijkheid op Nederlandse universiteiten.

 

Google’s updates: digitale toegankelijkheid als afterthought

Door Spraakapraxie & Dysartrie Geen Reacties

Naast schrijven over digitale toegankelijkheid, werk ik als freelance SEO specialist. SEO staat voor Search Engine Optimization, of ‘zoekmachine optimalisatie’. Dit houdt in dat ik ervoor zorg dat websites op een natuurlijke manier hoger in de zoekresultaten verschijnen, waardoor ze meer bezoekers krijgen.

Voor mijn werk is het van groot belang om op de hoogte te zijn van de ontwikkelingen in het vakgebied. Daarom was ik enthousiast om te horen dat Google, de grootste en populairste online zoekmachine, een nieuwe functie aan het testen was. Na Snapchat, Instagram, Facebook, YouTube en LinkedIn test Google nu ook het gebruik van Stories (verhalen). Op de foto hiernaast is een voorbeeld van Stories op Instagram te zien. De berichten worden kort vertoond en worden na 24 uur verwijderd van je account. 

Vanuit SEO-perspectief is het enorm interessant om te zien dat Google het gebruik van Stories aan het testen is. Vanuit toegankelijk perspectief was ik minder blij om te zien hoe de Stories ontwikkeld waren. In dit artikel leg ik uit waarom.

Wat zijn Google Web Stories?

Het succes van de Stories van Instagram, Facebook en Snapchat zal voor Google een reden zijn geweest om deze feature ook toe te passen. Google’s variant van Stories heet Web Stories. Het doel van Google Web Stories is om content toegankelijker en aantrekkelijker te maken voor gebruikers van mobiele apparaten. De stories zijn bedoeld voor mobiele gebruikers en kunnen bij een blogpost of artikel binnen WordPress worden geplaatst.  Gebruikers kunnen eenvoudig door stukken content heen swipen om zo hun zoekopdracht te beantwoorden. 

Het verschil met de Stories van andere platformen, is dat bij Google de Stories niet automatisch verwijderd worden na 24 uur. Een ander groot verschil is dat Google Web Stories door iedereen bekeken kunnen worden, het is niet nodig om een account te maken. Dit is bij social media wel het geval. 

Voor webmasters en SEO-specialisten biedt het gebruik van Stories veel mogelijkheden. Door afbeeldingen, gifs, video’s en tekst te combineren zijn de mogelijkheden vrijwel eindeloos.

Het probleem met Web Stories

Web Stories zijn, net als websites, video’s en social media berichten, niets anders dan online content. Bij het maken van online content wordt helaas niet altijd rekening gehouden met toegankelijkheid. De tekst in de Stories kan bijvoorbeeld wel opgelezen worden door schermlezers, maar veel afbeeldingen en knoppen zijn niet voorzien van beschrijvingen. Hierdoor is het voor gebruikers van schermlezers niet duidelijk waar de stories over gaan of om deze überhaupt te doorlopen.

Tijdens een eerdere test met Web Stories was de interface zelf niet geheel bruikbaar met een schermlezer. Google heeft dit probleem nu grotendeels opgelost. Het is (voor een leek) nog steeds niet eenvoudig om Web Stories via Apple’s VoiceOver door te lopen.

Edwin Ruyer (Blinde man) met telefoon

Toegankelijkheid als afterthought

Voor de stand van digitale toegankelijkheid is het niet veelbelovend om te zien dat een techreus als Google niet in staat is om in de ontwikkeling van haar product toegankelijkheid mee te nemen. Als het Google al niet lukt, welke hoop is er dan voor kleinere bedrijven met beperkte budgetten? 

Het vreemde is dat het ontwikkelen van een toegankelijk digitaal product niet een grote kostenpost hoeft te zijn. De meeste features die van belang zijn voor toegankelijkheid, zijn redelijk basaal en eenvoudig toe te passen. Juist wanneer een digitaal product nog in de kinderschoenen staat, is het daarom relatief eenvoudig om rekening te houden met toegankelijkheid. 

Het zijn juist de websites, apps en producten die al een tijd meegaan, waarbij de kosten voor digitale toegankelijkheid hoog uitvallen. Door tijdens het initiële ontwikkelingsproces van een product rekening te houden met toegankelijkheid, wordt kostbare tijd en geld bespaard. 

Digitale toegankelijkheid meenemen in het ontwikkelingsproces

Gezien de 4 miljoen Nederlanders met een beperking, is het belang van digitale toegankelijkheid groot. Als het beschikbaar maken van een website of app voor iedereen niet genoeg morele motivatie is, zijn de commerciële voordelen wellicht doorslaggevend. Een website die door meer mensen (beter) gebruikt kan worden, zal dus door meer potentiële klanten gebruikt worden. Hierdoor wordt het bereik van jouw website en app relatief eenvoudig vergroot.

Simpel beginnen met vergroten kennis en bewustzijn

Maar, hoe zorg je ervoor dat je vanaf de start van het ontwikkelingsproces rekening houdt met digitale toegankelijkheid? Voor projecten waar een team van specialisten bij betrokken is, is het essentieel dat ieder teamlid op de hoogte is van de do’s en don’t’s van toegankelijkheid. Digitaal Toegankelijk.nl heeft met dit doel het Scrum kaartspel Denken in Beperkingen ontwikkeld. Met dit kaartspel word je op een laagdrempelige wijze bewust van hoe het is om met een beperking een digitaal product te gebruiken en waar je rekening mee moet houden.

kaarten van het spel 'Denken in beperkingen'

Daarnaast zijn er in onze kennisbank tientallen artikelen te vinden met praktische tips. Zo beschreven we onder andere wat de richtlijnen zijn, hoe je een toegankelijkheidsverklaring opstelt en hoe je toegankelijke advertenties maakt. Digitaal Toegankelijk.nl denkt graag met bedrijven en organisaties mee om digitale producten inclusiever te maken. Neem vrijblijvend contact met ons op om vandaag nog bij te dragen aan een toegankelijk internet.

In gesprek met Kees Verhoeven over digitale toegankelijkheid

Door Apps & Websites, Wetgeving Geen Reacties
Kees Verhoeven (bron: Wikipedia)

Kees Verhoeven is in de afgelopen 10 jaar in de Tweede Kamer actief geweest voor D66. In de Kamer was hij onder andere verantwoordelijk voor ICT, Privacy en Cyberveiligheid. Vincent van Digitaal Toegankelijk.nl ging met Kees Verhoeven in gesprek over het belang van digitale toegankelijkheid, de rol van de politiek in de inclusieve samenleving en zijn eigen toekomst nu hij heeft aangekondigd niet terug te keren in de Tweede Kamer.

De afgelopen 10 jaar heeft u in de Tweede Kamer de digitale belangen van Nederland verdedigd. Uw focus op het digitale aspect is goed te merken. Hoe is deze motivatie ontstaan? 

Dat is eigenlijk heel langzaam gegaan, ik heb een achtergrond in het midden- en kleinbedrijf en ging vooral de Kamer in om hun belangen via Economische Zaken en ondernemerschap te dienen. Maar in de economie-portefeuille zaten ook een aantal digitale vraagstukken, zoals netneutraliteit en het downloadverbod. Langzaam maar zeker ben ik mij daar steeds meer in gaan verdiepen. 

Digitale toegankelijkheid van overheidswebsites

Digitaal Toegankelijk.nl zet zich in voor een toegankelijker internet. Dit doen we onder andere door onderzoeken uit te voeren naar hoe het staat met de toegankelijkheid van het web. Uit één van deze onderzoeken bleek dat ondanks de wettelijke verplichting, ruim 70% van de overheidswebsites niet digitaal toegankelijk is. 

Wat kan de overheid doen om ervoor te zorgen dat deze meerderheid alsnog aan de slag gaat? 

Ten eerste vind ik het belangrijk dat de communicatie van overheden voor iedereen toegankelijk is. De laatste tijd is er een trend zichtbaar, waarbij overheden veel communiceren via private diensten. Aan de ene kant is dit logisch, want communicatie vanuit de overheid is belangrijk en moet goed gebeuren. Aan de andere kant zie je ook dat deze kanalen voor mensen een beperking kunnen zijn. Ik vind dat de overheid zo veel mogelijk moet publiceren via publieke kanalen, die voor iedereen toegankelijk zijn.

Een vergelijking met de televisie kan gemaakt worden. Bij de TV geldt namelijk dat een aantal zenders verplicht in het pakket moet worden aangeboden, zodat iedereen deze zenders kan zien. Dat zou ook zo moeten zijn voor bepaalde online kanalen. 

twee mensen op een bank met een afstandsbediening

Hoe kunnen ambtenaren en webdevelopers volgens u aangemoedigd worden om websites daadwerkelijk toegankelijk te maken? 

Als je tegen iemand zegt dat ‘de toegankelijkheid van de website beter kan’, zullen ze het daar waarschijnlijk mee eens zijn. Maar tegelijkertijd zal de prioriteit in hun werk daar niet altijd liggen. In de praktijk wordt de juistheid van de inhoud als belangrijker ervaren. Je ziet vaak dat, met name op ambtelijke afdelingen, de vrees aanwezig is dat er iets op de site geplaatst wordt dat niet klopt. 

Kortom, ik denk dat ze vooral heel erg met de inhoud bezig zijn, wat ik begrijp, maar dat daarnaast de leesbaarheid, toegankelijkheid, of de manier waarop de informatie verspreid wordt, onbewust minder belangrijk wordt gevonden.

Is er volgens u een manier om digitale toegankelijkheid hoger op de agenda van ambtelijke afdelingen te zetten?

Ik denk dat dat te maken heeft met het blijven hameren op het belang van brede toegankelijkheid. Dit is dus ook aan partijen zoals Digitaal Toegankelijk.nl, maar ook aan de politiek. De behandeling van burgers door de overheid is gelukkig een belangrijker onderwerp aan het worden. Goede bereikbaarheid hoort daar zeker bij.

Toegankelijkheid van commerciële diensten

De overheid is gelukkig niet de enige die zich hard maakt voor meer digitale toegankelijkheid. Ook het bedrijfsleven zet flinke stappen. Dat moet ook wel, want In 2025 gaat de European Accessibility Act van kracht. Dit betekent dat onder andere geldautomaten, financiële diensten en e-commerce-bedrijven digitaal toegankelijk moeten worden. Wat denkt u dat er nodig is om dit doel te bereiken?

Bij commerciële diensten speelt de kosten-baten vraag vaak een rol. Dus de vraag of het loont om een product of dienst voor iedereen toegankelijk te maken. Een bedrijf zou kunnen concluderen dat het niet lonend is om de laatste 5% van de mensen ook te bereiken met hun dienst, omdat die 5% misschien wel 20-25% van de investeringen kost.

“Een bedrijf wil natuurlijk in eerste instantie voor zoveel mogelijk mensen bereikbaar zijn. Maar als er met 20% van de kosten 80% van de mensen bereikt kan worden, zal een bedrijf daarvoor kiezen.”

Bij de overheid daarentegen is het bereiken van iedereen in de samenleving een morele plicht. Als bepaalde mensen niet bereikt kunnen worden met informatie over corona, dan snijdt de overheid zichzelf daarmee in de vingers. 

Dus bij commerciële instellingen gaat het om een heel andere vraag. Dan moet je je als overheid afvragen of iets een nutsdienst is, waar je niet zonder kan. Als dat zo is kun je afdwingen dat die commerciële bedrijven hun toegankelijkheid verbeteren. 

Een bedrijf wil natuurlijk in eerste instantie voor zoveel mogelijk mensen bereikbaar zijn. Maar als er met 20% van de kosten 80% van de mensen bereikt kan worden, zal een bedrijf daarvoor kiezen. Terwijl een overheid vanuit de publieke taak, veel verder moet gaan in het bereiken van mensen. Misschien dat er dus hier en daar eisen aan de digitale toegankelijkheid van bedrijven met nutsfuncties moeten worden gesteld.

Hand met pinpas

Kunt u een voorbeeld geven van zulke eisen vanuit de overheid?

Een goed voorbeeld is het bancaire verkeer. In de Tweede Kamer zijn daar vaak discussies over gevoerd waarbij de vraag is ‘moet iedereen digitaal bankieren’ of ‘moet het nog steeds mogelijk zijn om naar de bank te gaan en daar je transacties te verrichten’. Hetzelfde geldt voor het brievenbus netwerk. Zorg je dat iedereen een mail kan sturen via een privaat bedrijf, of houdt je daarnaast de mogelijkheid voor briefverkeer in stand? 

De mening van de Kamer is altijd geweest ‘er moet ook altijd een niet-digitaal alternatief zijn’. Soms zal dat dus ook geleverd moeten worden door de banken, die duidelijk een nutsfunctie hebben. Zij kunnen niet zomaar hun kantoren opheffen.

In de Tweede Kamer benadrukt u het belang van digitale toegankelijkheid. Hoe wordt er in de politiek gereageerd op initiatieven op dit gebied? 

Er zijn partijen die het onderwerp heel belangrijk vinden, maar er zijn ook partijen die het gevoel hebben dat de verantwoordelijkheid bij de mensen zelf ligt. Ik vind dat je de balans moet zoeken en ervoor moet zorgen dat iedereen zaken kan blijven doen met de overheid.

U was lid van de tijdelijke commissie Digitale toekomst. Kunt u de reden achter het ontstaan van deze commissie toelichten?

Het vraagstuk van toegankelijkheid, als onderdeel van een veel breder vraagstuk op het gebied van digitalisering, werd door de politiek te weinig geadresseerd. Of het nu gaat om overheidsdiensten, de grote techbedrijven, cyber security-vraagstukken of de economische digitale positie van Nederland in de wereld; er zijn zoveel onderwerpen waarbij het ongelofelijk belangrijk is dat digitalisering in goede banen wordt geleid. 

De politiek heeft zich daar eigenlijk te weinig mee bezig gehouden de afgelopen jaren. Daarom hebben wij met een aantal collega’s het initiatief genomen om te kijken of we meer grip konden krijgen op het digitaliseringsvraagstuk. Hieronder valt dus ook het onderdeel waar Digitaal Toegankelijk.nl zich hard voor maakt. Waarschijnlijk is het zo dat er na de verkiezingen een vaste kamercommissie digitalisering komt, waarbinnen alle grote digitale onderwerpen zullen worden behandeld. Dat is belangrijk, omdat het de afgelopen jaren vaak versnipperd aan bod kwam.

De commissie heeft onderzoeken uitgevoerd naar kansen en bedreigingen op het gebied van digitalisering. Wat waren de belangrijkste uitkomsten van het onderzoek?

Vooral de kennispositie van de Kamer is belangrijk. De Kamer kan alleen handelen wanneer er voldoende kennis beschikbaar is over het onderwerp. Daar heeft het in de afgelopen jaren nog wel eens aan ontbroken. Dat maakte de discussies vaak een beetje verwarrend en ongrijpbaar.

Vaak verzandde de discussie in details en daardoor werden er geen goede keuzes gemaakt. De kennispositie die de commissie kan behalen en het begrijpen van technologie is heel belangrijk om goede politieke grenzen te stellen en bij te kunnen sturen.

laptop met code

Een van de aanbevelingen aan de Tweede Kamer namens de tijdelijke commissie was het in het leven roepen van een vaste commissie voor Digitale Zaken. Onlangs werd bekend dat deze motie is aangenomen, gefeliciteerd! Waar zal deze commissie zich volgens u in de toekomst mee bezighouden?

Digitalisering is een integraal en veelomvattend onderwerp. Het is relevant voor het onderwijs, de zorg, defensie en de infrastructuur en speelt in alle verticale vakministeries van de Nederlandse overheid een rol. De commissie die gevormd moet worden, moet dus net als bijvoorbeeld de commissie Europese Zaken, de grote digitale hoofdlijnen zien te bepalen. 

Een voorbeeld is de discussie over 5G. Dat zijn de zendmasten die nodig zijn om nog sneller internet te krijgen. Bij de introductie van 5G speelt een economisch belang, een veiligheidsbelang en een gezondheidsbelang. Dat zijn drie onderwerpen die op drie verschillende plekken in de Kamer besproken zijn, zonder een afweging te maken tussen die drie belangen. Terwijl dat juist de kern is van politiek; om belangen af te wegen. Op die manier krijg je geïsoleerde politiek, dat moeten we zien te voorkomen. Daar is de commissie voor nodig.

Toekomst van digitale toegankelijkheid

Naast de huidige plannen wordt in de Tweede Kamer uiteraard ook naar de toekomst van digitale toegankelijkheid gekeken. Onlangs gaf u aan dat u zelf niet meer verkiesbaar bent in 2021. Hoe zou het overheidsbeleid op dit gebied er de komende jaren uitzien, als het volledig aan u zou liggen?

Ik vind de focusverschuiving van met een juridische blik kijken naar de communicatie, naar het betrekken van mensen bij de overheid, belangrijk. Het zou beter zijn als de overheid zich meer toelegt op hoe ze er daadwerkelijk voor de mensen kan zijn.

Een overheid die bang is om fouten te maken, is vaak helemaal geen goede overheid.

In dat kader zou je op het gebied van toegankelijkheid veel meer moeten investeren in de toegankelijkheid van informatie, in plaats van kijken of alles juridisch is afgedekt. Ik snap de beweging, maar dat maakt de overheid steeds angstiger. Een overheid die bang is om fouten te maken, is vaak helemaal geen goede overheid. Je moet ook fouten kunnen maken, mits je ze toegeeft en kan verbeteren. Nu is het zo dat wanneer je een fout hebt gemaakt, je kop eraf gaat, dus dan ga je je indekken. En indekken doe je op basis van inhoud, en misschien wel door minder toegankelijkheid te bieden. 

Dit vereist een omkering van de paradox; in een ideale wereld zou het zo moeten zijn dat de burger de overheid makkelijk kan bereiken. Tegelijkertijd zou de overheid makkelijk bereikbaar moeten zijn als er een fout gemaakt is. Zo zouden ethische hackers bijvoorbeeld makkelijker in gesprek moeten kunnen komen met de overheid.

Vanuit die benadering zou je dan als overheid ook moeten kunnen eisen dat iedere website op een goede manier toegankelijk is, dat dat getoetst wordt en dat sites die onvoldoende scoren ook daadwerkelijk verbeterd moeten worden. 

Zo te horen is het voor digitale toegankelijkheid jammer dat u in 2021 niet meer verkiesbaar bent.

Ik ben zelf wel blij met die keuze, maar dat komt doordat je na 10 jaar in de Tweede Kamer de behoefte hebt om verder te gaan. Waar ik me wel zorgen om maak is dat veel partijen hun digitale kamerleden zien vertrekken en dat er nog niet echt een nieuwe generatie tech-kamerleden op lijkt te staan. Daar zouden we op moeten letten.

In een recent interview gaf u aan dat uw plannen voor na de Tweede Kamer nog onzeker waren. Kunt u inmiddels wat meer vertellen over uw plannen? Wat zou u het liefste doen?

Ik ga zeker door met digitalisering. Dat is een iets wat ik zeker weet. Het onderwerp is nog lang niet af. Ik denk dat ik vanuit een andere positie ook weer andere resultaten kan bereiken. Of dat in het bedrijfsleven zou zijn, of meer in een soort private rol,weet ik nog niet. Maar dat ik doorga op het gebied van digitalisering is zeker.

Dat is goed om te horen! Heeft u een boodschap voor de mensen die met digitale toegankelijkheid bezig zijn?

Ik zou willen zeggen, ook voor jullie, blijf op die deur hameren. Blijf benadrukken hoe belangrijk het is dat iedereen, ook in het digitale tijdperk, toegang heeft tot de informatie en de diensten van de overheid. 

Hoe ReadSpeaker het internet dagelijks toegankelijker maakt

Door Apps & Websites Geen Reacties

Of het nu gaat om nieuws, websites, boeken of studiemateriaal, het kunnen lezen van tekst is van essentieel belang. Daadwerkelijk in staat zijn om te kunnen lezen is niet voor iedereen vanzelfsprekend. Sommige lezers kunnen niet of niet goed genoeg tekst lezen. Voor anderen is het simpelweg eenvoudiger om een tekst te horen dan te lezen.

Voor deze mensen is de mogelijkheid om geschreven teksten te kunnen luisteren enorm belangrijk. Helaas staan technische problemen deze oplossing soms in de weg. Zo zijn bijvoorbeeld lang niet alle websites voorzien van een tekst-naar-spraak optie die geschreven tekst voorleest.

Een bedrijf dat ervoor zorgt dat steeds meer digitale producten voorzien zijn van de optie om geschreven tekst voor te lezen, is ReadSpeaker. ReadSpeaker is gespecialiseerd in tekst-naar-spraak oplossingen voor bedrijven en overheden en is wereldwijd actief. Inmiddels is het bedrijf gevestigd in 15 landen en levert het aan meer dan 10.000 klanten in 65 landen.

Digitaal Toegankelijk.com mocht Gerda Doevendans van ReadSpeaker enkele vragen stellen over de gang van zaken bij het bedrijf en hun blik op digitale toegankelijkheid. De demo van tekst-naar-spraak op de website van ReadSpeaker geeft een goed beeld van de mogelijkheden die deze oplossing biedt.

Foto van Gerda

Wat is het verhaal achter ReadSpeaker?

Ongeveer 20 jaar geleden is ReadSpeaker gestart door twee mannen in Zweden. Eén van hen is blind geboren. Samen vonden ze dat het toen opkomende internet een stuk toegankelijker zou moeten zijn voor mensen die blind of slechtziend zijn, of mensen die om een andere reden niet goed kunnen lezen. Zodiende werd de eerste ReadSpeaker webapplicatie om websites voor te lezen, geboren.

Hoe helptReadSpeaker om websites toegankelijker te maken?

Het is belangrijk om je website in te richten volgens WCAG 2.1. AA. Zodat deze beter toegankelijk wordt voor mensen met een functiebeperking, zoals bijvoorbeeld een visuele of auditieve beperking. Daarnaast is het heel belangrijk om ook bezoekers met een cognitieve beperking niet te vergeten. Een groot deel van de bevolking (18%) heeft moeite met lezen en dus problemen met het begrijpen van de teksten op websites. Denk aan laaggeletterden (1,5 miljoen), anderstaligen, licht verstandelijk gehandicapten, ouderen met verminderd zicht of mensen met andere leesproblemen zoals bijvoorbeeld dyslexie, afasie, beginnende dementie en NAH (Niet Aangeboren Hersenletsel).

Onze overheid maakt zich zorgen om deze grote groep, omdat die niet altijd mee kan komen in de vergevorderde digitalisering van de samenleving. Zij hebben veel minder informatie- en gezondheidsvaardigheden dan geletterden en vaker te maken met gezondheidsproblemen, werkloosheid, schulden en armoede. Het toevoegen van de voorleeshulp op de website – en dan wel op een logische, voor de gebruiker intuïtieve plek – kan helpen de content beter te begrijpen en geeft de groep meer zelfredzaamheid.

Welke oplossingen bieden jullie en voor wie?

Onze voorleeshulp voor webpagina’s, documenten en formulieren helpt mensen om de content op websites beter te begrijpen. Onze studietool TextAid helpt kinderen en studenten om gemakkelijker te studeren. De spraakproductie kan gebruikt worden voor allerlei omgevingen, zoals leerplatformen en als voice-over bij video. API’s en onze geïntegreerde toepassingen kunnen weer voor allerlei toepassingen worden gebruikt, zoals een voice-bot, telefonieomgeving, robots, games, auto’s of huishoudelijke apparatuur.

We zijn trots op het feit dat we voor elke toepassing een product of dienst kunnen leveren en dat we daarbij in heel veel gevallen ook nog wat kunnen bijdragen aan een inclusievere maatschappij.

Eén van de doelstellingen van ReadSpeaker is het bieden van tools die bijdragen aan meer digitale toegankelijkheid. Hoe ziet ReadSpeaker de toekomst van digitale toegankelijkheid voor zich?

We verwachten dat niet alleen de overheid, publieke en educatieve sector en zorg, maar in de nabije toekomst alle sectoren beter digitaal toegankelijk moeten zijn. Een minimale vereiste zou het voldoen aan de WCAG richtlijnen moeten zijn. Daarnaast zal het nog belangrijker worden dat er expliciet aandacht is voor groepen met een cognitieve beperking, zoals de 1,5 miljoen laaggeletterden in Nederland, anderstaligen, ouderen met minder zicht en concentratie enzovoort.

We zien inmiddels ook voorbeelden van digitale toegankelijkheid in andere vormen. Denk aan de sprekende robot als buddy voor senioren, maar ook aan de audio-ondersteuning van digitale platformen van verschillende organisaties, omdat zij zich steeds meer richten op de zelfredzaamheid van de burger of de klant.

boek met het woord audio uitgesneden uit de bladzijden.

Is in jullie ogen de samenleving zich voldoende bewust van het belang van digitale toegankelijkheid?

Dat denk ik wel. Inclusie gekoppeld aan digitale toegankelijkheid is een steeds populairder onderwerp. Dat nog niet alle websites hieraan voldoen, is vaak geen onwil. De toegankelijkheid blijft niet achter doordat mensen niet bereid zijn er iets aan te doen. Het hapert vaak om andere redenen, zoals een tekort aan kennis of slagkracht.

Wordt Readspeaker alleen gebruikt voor het toegankelijk maken van websites?

Nee, de ‘tts voice’ (text-to-speech)-markt is in de afgelopen jaren alleen maar gegroeid. Denk bijvoorbeeld aan apparaten die je met je stem kan besturen. Van telefoons tot speakers, steeds meer dingen worden “smart”. Tekst-naar-spraak zit hier onlosmakelijk aan vast, want als iets moet kunnen spreken, dan moet het tekst naar spraak veranderen.

Steeds meer bedrijven en organisaties gaan hierdoor iets doen met “voice”, en dat is heel leuk om te zien! Applicaties die specifiek worden gemaakt voor de Google Assistent of een bedrijf dat een synthetische stem wil die past bij hun merkidentiteit. We zijn met allerlei projecten bezig omdat de ‘tts voice’ verzoeken steeds breder geworden zijn.

Uit wat voor soort organisaties bestaan jullie klanten?

Van oorsprong zijn veel van onze klanten overheids- en publieke organisaties, non-profits, educatieve uitgevers, scholen etcetera, maar doordat spraaktechnologie kwalitatief nog beter is geworden, worden deze toepassingen voor commerciële organisaties ook steeds relevanter.

Wat willen jullie in de toekomst nog verbeteren aan de software van ReadSpeaker?

We zijn constant bezig met verbeteringen en uitbreidingen op allerlei vlakken. De producten, diensten, stemmen en talen. Tekst-naar-spraak toepassingen vallen niet meer weg te denken uit onze maatschappij. Ook door Covid-19 zien wij een versnelde digitalisering, waarbij TTS een aansluiting kan vinden.

Meer informatie over ReadSpeaker is terug te vinden op de website. Benieuwd naar de mogelijkheden van de service? Via de demo kunnen verschillende stemmen geprobeerd worden met een eigen tekst.

Mensen met een beperking zijn niet alleen blind of doof

Door Apps & Websites, Auditieve Beperking, Cognitieve Beperking, Fysieke beperking, Taalberperking, Tips & Trics, Visuele Beperking Geen Reacties

Voor wie is digitale toegankelijkheid van belang?

Ondanks de toename in draagvlak is de waarde van digitale toegankelijkheid bij veel beleidsmakers, developers, marketeers en anderen nog steeds onduidelijk. Voor mensen zonder beperking is het moeilijk om te zich in te leven in de hindernissen die ontoegankelijke websites en apps daadwerkelijk met zich meebrengen. Onbekend maakt onbemind, zullen we maar zeggen. 

De groep Nederlanders met een beperking – die nu ongeveer 4 miljoen mensen groot is – wordt naar verwachting de komende jaren alleen maar groter. Wie zijn deze 4 miljoen Nederlanders? En, nog belangrijker, tegen welke drempels lopen zij aan?

Welke beperkingen zijn er eigenlijk?

De noemer ‘beperkingen’ is een parapluterm waaronder tientallen verschillende beperkingen vallen. Sommige van deze beperkingen zijn duidelijker zichtbaar (lichamelijke beperkingen), andere zijn minder zichtbaar (mentale beperkingen).

Je kunt de beperkingen als volgt onderverdelen:

Lichamelijke beperkingen

  • Auditieve beperkingen
  • Visuele beperkingen
  • Motorische beperkingen

Mentale beperkingen

  • Cognitieve beperkingen
  • Psychosociale beperkingen

Hieronder nemen we steeds één van deze beperkingsgroepen centraal, met uitzondering van psychosociale beperkingen, die worden in dit artikel niet behandeld. Per onderdeel wordt de grootte van de groep besproken, de struikelblokken die deze mensen online en offline tegenkomen en de belangrijkste oplossingen die developers kunnen implementeren. 

Auditieve beperkingen

Afbeelding van een oor met een oorbel erin
Afbeelding: oor met een oorbel

De eerste twee groepen uit dit overzicht zijn voor veel mensen de meest bekende beperkingen. Toch wordt er in de praktijk nog veel te weinig rekening gehouden met doven en slechthorenden. Deze groep bestaat uit 1,5 miljoen mensen, dus bijna één tiende van de Nederlandse samenleving. Naar verwachting groeit deze groep door vergrijzing van de bevolking de komende jaren in omvang. 

Mediagebruik is voor mensen met een auditieve beperking niet zo vanzelfsprekend als voor de goed horende medemens. Denk bijvoorbeeld aan het maken van een kappersafspraak; hoe bel je de kapper op als je slechthorend of doof bent?

Hoe kom je in contact met bedrijven als doof persoon?

Ook online lopen doven en slechthorenden tegen dingen aan. Veel grotere bedrijven vermelden op hun website enkel een telefoonnummer, geen e-mailadressen of mogelijkheid om te chatten. Hoe stel je dan als doof persoon een vraag over bijvoorbeeld je bestelling? Verder zijn mediaspelers op websites, video’s op YouTube en op social media voor gebruikers met een auditieve beperking onbegrijpelijk als er geen ondertiteling of audiodescriptie aan is toegevoegd.

Doven en slechthorenden krijgen slechtere zorg

Uit onderzoek is ook nog eens gebleken dat doven en slechthorenden slechter kunnen communiceren met artsen, waardoor deze groep slechtere zorg ontvangen dan mensen die wel goed kunnen horen.

Een recente ontwikkeling; het thuiswerken en thuis studeren als gevolg van het coronavirus, zorgt ook voor moeilijkheden. Digitaal Toegankelijk.com’s Claire – die zelf doof is – vertelt in dit artikel meer over haar digitale contacten tijdens de coronaperiode.

Optimaliseren voor een auditieve beperking

Hoe zorg je ervoor dat doven en slechthorenden jouw website goed kunnen gebruiken?

  • Belangrijk is om aan alle video’s, animaties en andere gesproken media altijd (de optie tot) ondertiteling aan te bieden.
  • Biedt meerdere contactopties, alleen een telefoonnummer is niet genoeg.
  • Gebruik eenvoudig taalgebruik. Voor sommige doven is Nederlands niet de eerste, maar tweede taal, na gebarentaal. 
  • Gebruik opsommingen voor belangrijke content.

Klik om meer artikelen te lezen over auditieve beperkingen.

Visuele beperkingen

Oog van heel dichtbij gefotografeerd
Afbeelding: Oog van dichtbij

Visuele beperkingen vallen samen met auditieve beperkingen onder de gemeenschappelijke noemer ‘zintuiglijke beperkingen’. Digitaal Toegankelijk.com merkt dat er bij het bouwen van websites en apps vaker met deze groep rekening wordt gehouden dan met andere beperkingen.

Volgens het Sociaal Cultureel Planbureau zijn er in Nederland bijna 1 miljoen mensen met een matige of ernstige visuele beperking. Voor de mensen met een matige beperking is bijvoorbeeld het lezen van een krant moeilijker. De andere groep, mensen met een ernstige visuele beperking, hebben moeite met kleine letters in het algemeen en met het herkennen van gezichten. Het aantal volledig blinden wordt geschat op zo’n 75.000 mensen. 

De gevolgen van een visuele beperking voor je online bestaan

Door slecht of niet te kunnen zien, ziet je dagelijks leven er anders uit. Zo is deze groep in digitale communicatie bijvoorbeeld afhankelijk van schermlezers; ingebouwde software die tekst van beeld voor de gebruiker voorleest. In onderstaande video is te zien hoe Ed zijn telefoon via een schermlezer gebruikt. 

https://www.youtube.com/watch?v=zlEYz4umqrs&feature=emb_title&ab_channel=DigitaalToegankelijk
Filmpje van hoe Ed, die blind is, zijn smartphone gebruikt

Schermlezers werken zo goed als de website/content is die opgelezen wordt. Wanneer de content niet is geoptimaliseerd voor schermlezers, missen gebruikers de boodschap. Dit zorgt voor verwarring en ergernissen. Zo zijn het gebruik van veel emoji’s op social media een ergernis, worden afbeeldingen niet voorzien van alt teksten, waardoor deze niet leesbaar zijn en is het updaten van besturingssoftware verbonden aan complicaties

Op websites zijn gelijksoortige struikelblokken te vinden. Zo worden knoppen en hyperlinks niet op de juiste manier gelabeld, waardoor schermlezers ze niet kunnen voorlezen. Ook ontbreekt vaak structuur in de CSS en HTML code van een website. Deze structuur helpt de gebruikers van schermlezers om snel door een tekst heen te springen zonder alles te hoeven horen, denk bijvoorbeeld aan het steeds opnieuw voorlezen van een hoofdmenu wanneer je naar een ander pagina navigeert.

De consequenties van onbruikbare websites en apps kunnen ernstig zijn. Uit onderzoek van Digitaal Toegankelijk.com bleek namelijk dat de mobiele apps van supermarkten niet goed te gebruiken zijn met een schermlezer. Dit betekent dat 1 miljoen blinden en slechtzienden hun dagelijkse maaltijd niet moeiteloos online kunnen bestellen. Een kwalijke zaak, zeker in tijden van corona. Lees hier meer over het optimaliseren voor schermlezers of andere toegankelijkheidsopties van iOS en Android.

Optimaliseren voor een visuele beperking

  • Zorg dat websites altijd voorgelezen kunnen worden.
  • Maak het lettertype en de lettergrootte aanpasbaar. Zo kunnen bezoekers het naar wens aanpassen.
  • Zorg dat websites tot 200% vergroot kunnen worden zonder dat de kwaliteit of de functionaliteit verloren gaat.
  • Label onderdelen van de site zoals afbeeldingen, knoppen en hyperlinks met de juiste benaming.
  • Breng structuur aan in pagina’s middels HTML en CSS code.
  • Zorg voor voldoende kleurcontrast tussen tekst en achtergrond.

Klik om meer artikelen te lezen over visuele beperkingen.

Cognitieve beperkingen

Afbeelding van verschillende walnoten op een blauwe achtergrond.
Afbeelding: Walnoten op een blauwe achtergrond

Een cognitieve beperking is vaak moeilijker waar te nemen dan de eerder genoemde beperkingen. Cognitieve beperkingen hebben vaak te maken met het zenuwstelsel. Door stoornissen in het zenuwstelsel, waaronder de hersenen, kunnen problemen met het geheugen, taal, gedrag of het oplossen van problemen opspelen. Een cognitieve beperking heeft niet per se invloed op de intelligentie van een individu. 

Omdat het spectrum aan cognitieve beperkingen zo groot is, is het moeilijk exact te benoemen hoeveel mensen een beperking hebben, die in deze groep valt. Enkele voorbeelden van cognitieve beperkingen zijn:

  • Dementie (270.000 mensen) 
  • Verstandelijke beperking (142.000 mensen) 
  • Zwakbegaafdheid (2,2 miljoen mensen) 
  • Een taalontwikkelingsstoornis (TOS, zo’n 2 kinderen per klas gemiddeld)
  • Spraakbeperkingen (geen totale cijfers bekend)
  • ADHD (2,9% van de kinderen, 2,1 % van de volwassenen)
  • Het autistisch spectrum (geen totale cijfers bekend)
  • Epilepsie (120.000 mensen)

Een cognitieve beperking en het internet

Het brede scala aan beperkingen laat direct het belang van optimalisatie voor deze groep zien. Want, waar loopt deze groep op het internet eigenlijk tegenaan? Veel voorkomende ergernissen zijn onnodig moeilijke taal en onnodig moeilijke zinnen. Voor mensen die geen cognitieve beperking hebben, kan het moeilijk zijn om het belang van optimaliseren voor deze groep in te zien. In dit interview vertelt Cindy over hoe haar taalontwikkelingsstoornis invloed heeft op het dagelijkse digitale leven.

Andere punten waarvoor moet worden opgepast, zijn video’s die vanzelf beginnen met spelen en knipperende en drukke animaties. Daarnaast helpen afbeeldingen en illustraties om lange teksten te doorbreken. Een complete lijst met struikelblokken voor deze doelgroep is terug te vinden in het artikel obstakels voor internetters met ADHD.

Optimaliseren voor een cognitieve beperking

  • Vermijd onnodig moeilijke taal.
  • Zorg voor genoeg tijd in video’s en animaties om mee te lezen.
  • Breek lange zinnen op in kortere delen.
  • Werk niet met video’s die vanzelf afgespeeld worden.
  • Zorg dat er geen drukke animaties of gif’s op een website staan.
  • Maak consistent gebruik van iconen en illustraties die tekst ondersteunen.
  • Gebruik de juiste kleur contrast ratio’s
  • Verwerk een simpele navigatiestructuur in websites en apps.

Klik om meer artikelen te lezen over cognitieve beperkingen.

Mobiliteitsbeperkingen

Afbeelding: Vrouw in rolstoel van achteren gefotografeerd
Afbeelding: Vrouw in rolstoel

De naam geeft het misschien al weg, iemand met een mobiliteitsbeperking (ook wel motorische beperking genoemd) heeft problemen met bewegen. De oorzaak hiervan kan liggen in de spieren, gewrichten en/of het skelet. Naast de oorzaak verschilt ook de zichtbaarheid van mobiliteitsbeperkingen sterk per beperking. Een rolstoel geeft bijvoorbeeld meer weg dan iemand met reuma. 

In totaal telt Nederland ongeveer 1,4 miljoen mensen met een mobiliteitsbeperking. Net als voor de andere beperkingen, geldt dat een mobiliteitsbeperking invloed heeft op je online gedrag.

Gebruik van toetsenbord

Vaak gebruiken mensen met een mobiliteitsbeperking het toetsenbord in plaats van de muis om door websites te bewegen. Het gebruik van een toetsenbord in plaats van een muis vraagt om geoptimaliseerde websites. Zo wordt er vaak een extra header vertoond zodra de eerste tab (de toets waarmee gebruikers door opties klikken) wordt ingedrukt. Deze header toont snelle opties naar specifieke inhoud van de tekst. Tijdens de ontwikkeling van websites dient overigens rekening gehouden te worden met de zogenaamde ‘keyboard trap’ (of keyboard val). Dit punt wordt bereikt wanneer het toetsenbord niet meer gebruikt kan worden om te navigeren. De gebruiker zit dan vast op de website.

Meer informatie en tips voor het optimaliseren voor gebruikers van een toetsenbord is op deze pagina terug te vinden.

Optimaliseren voor een mobiliteitsbeperking

  • Vermijd de zogenaamde keyboard trap. Test websites zelf uit door via het toetsenbord te navigeren.
  • Voeg een speciale header toe met elementen en hyperlinks die de gebruiker sneller door de website heen helpen.
  • Zorg dat het huidige/geselecteerde element oplicht of gearceerd is als deze is geselecteerd. Dit vergroot het overzicht voor de gebruiker.
  • Check of interactieve elementen als contactformulieren via het toetsenbord te bedienen zijn, inclusief de shift-tab functie om een veld terug te gaan.

Waarom werken aan toegankelijke websites en apps?

De afgelopen paragrafen geven het belang van toegankelijke websites en apps goed weer. Developers hebben hierin veel macht, zij zijn in staat om deze 4 miljoen mensen met een beperking, zich minder beperkt te laten voelen. Mocht deze reden niet doorslaggevend zijn, de volgende factoren spelen ook mee:

  • Toegankelijke websites worden beter gevonden in Google (betere SEO).
  • Wanneer er systematisch op digitale toegankelijkheid wordt gelet, is het geen extra werk om websites en apps toegankelijk te maken.
  • Voor (semi-)overheden is een toegankelijke website of app wettelijk verplicht.
  • Klanten zijn loyaler aan toegankelijke websites dan aan niet toegankelijke websites.
  • Door vergrijzing neemt de vraag naar digitale toegankelijkheid de komende jaren toe.
  • Digitale toegankelijkheid vergroot de doelgroep van websites en apps. Inclusieve websites hebben een voordeel van zo’n 4 miljoen potentiële bezoekers ten opzichte van niet-inclusieve websites.

Werken aan digitale toegankelijkheid

Digitale Toegankelijk.com helpt overheden, ondernemers en andere organisaties bij het realiseren van digitale toegankelijke projecten. De unieke combinatie van testen zorgt voor een uitstekend beeld van de toegankelijkheid van websites. Zo worden websites en apps niet alleen getest door middel van de webrichtlijnen, maar ook door mensen met diverse beperkingen. 


Benieuwd wat Digitaal Toegankelijk.com voor uw organisatie kan betekenen? Neem dan vrijblijvend contact op met de specialisten op het gebied van digitale toegankelijkheid.

Interview met Cindy: Een taalontwikkelingsachterstand in de digitale wereld

Door Spraakapraxie & Dysartrie Eén Reactie

Cindy is 29 jaar en heeft een taalontwikkelingsstoornis (of TOS). In dit interview legt ze uit welke invloed dit heeft op haar online gedrag. Ook heeft ze een aantal tips voor developers en marketeers die inclusieve websites willen maken.

Het ontwerpen en realiseren van een toegankelijke website of app is niet eenvoudig. Er zijn tientallen factoren waar rekening mee moet worden gehouden. Denk bijvoorbeeld aan het toevoegen van ondertiteling aan video’s voor slechthorenden en doven, een juist kleurcontrast met de achtergrond zodat tekst goed te lezen is of het labelen van knoppen zodat deze ook met een schermlezer te begrijpen zijn.

Er dient rekening te worden gehouden met de behoeften van een groot scala aan gebruikers. Sommige van deze behoeften, zoals die van mensen met een visuele- of auditieve handicap, laten zich grotendeels voorspellen. Maar er zijn ook beperkingen, waarbij de gevolgen voor het online leven niet zo voor de hand liggen. Een goed voorbeeld daarvan zijn gebruikers met een taalontwikkelingsstoornis, zoals Cindy.

Cindy werkt bij Kentalis, een audiologisch centrum in Arnhem en wordt in dit interview bijgestaan door Annemiek. Annemiek is in dienst van Kentalis Werkpad, een onderdeel van Kentalis.

Kun je de lezers die niet weten wat TOS is, uitleggen wat het precies inhoudt?

“TOS staat voor taalontwikkelingsstoornis. Het gaat vooral om het verwerken van taal. Ik moet net iets meer mijn best doen om informatie en boodschappen binnen te krijgen. Daarnaast is onnodig ingewikkelde taal ook moeilijk om te begrijpen. Heldere, simpele communicatie is van groot belang. Nu, via Microsoft Teams, is het al moeilijker dan het in een 1-op-1 gesprek zou zijn geweest.

Afbeelding van een bureau waarop een scherm te zien is met iemand die aan het videobellen is

Hoe heeft TOS invloed op jouw dagelijks leven?

“Ik merk vooral dat alles heel snel gaat. Vaak wordt er een hoog tempo van mij verwacht, maar dit lukt niet. Ik moet taak voor taak werken, niet proberen om meerdere dingen tegelijkertijd te doen en al helemaal niet afgeleid worden tijdens het voltooien van deze taken.

Daarnaast heb ik structuur nodig, zowel op werkvlak als privé. Op werk heb ik graag een schema met taken met daarbij de benodigde tijd per onderdeel. Dat ik duidelijk weet hoe lang onderdelen duren en wat ik van de dag kan verwachten. Ik werk samen met een collega die hetzelfde werk doet, deze collega heeft autisme en daardoor ook echt structuur nodig.

Verder heb ik altijd heel veel problemen met officiële brieven, zoals die van het UWV.”

Wat is er voor jou moeilijk aan deze brieven?

“De brieven zelf zijn ingewikkeld geschreven en bestaan vaak uit de veel informatie. Er wordt te veel informatie tegelijkertijd overgebracht.”

Annemiek vult aan: “Heldere communicatie is belangrijk. En daar mankeert het bij overheidsinstanties enorm aan. Wollig taalgebruik en het gebruiken van spreekwoorden is gewoon lastig.”

Hoe ben je erachter gekomen dat je TOS hebt?

“Dat is al vastgesteld toen ik nog klein was, ik weet niet meer precies hoe dat is gegaan. Het is tegenwoordig een erkende stoornis. Vroeger heette het ESM, tegenwoordig heet het TOS. Nu worden kinderen er ook op gescreend. Daardoor zie je het ook meer. Wat je vaak ziet is dat kinderen gediagnosticeerd worden met TOS en dat ouders daarna denken ‘verrek, dat heb ik ook!’.

Annemiek legt uit dat er nog niet veel onderzoek is gedaan naar TOS bij volwassenen: “Op dit gebied valt nog veel te leren over TOS. Bij Kentalis wordt momenteel veel onderzoek gedaan naar dit onderwerp. Cindy zelf geeft veel voorlichting over TOS, aan ouders en aan jongeren.”

Dat klinkt interessant! Wat vind je leuk aan het geven van voorlichting over TOS?

“Ik geef samen met mijn moeder voorlichting aan ouders. Ik vind het vooral bijzonder dat ik mijn ervaring kan doorgeven aan ouders van kinderen met TOS. Deze ouders leren net dat hun kind TOS heeft en zitten met zoveel vragen. Met het verhaal van mij en mijn moeder proberen wij onze informatie door te geven en hun vragen te beantwoorden.”

DigitaalToegankelijk.com heeft als doel om digitale omgevingen zo goed mogelijk te optimaliseren, zodat deze voor iedereen bruikbaar zijn. Wat zijn frustraties waar jij tegenaan loopt op websites, social media en apps?

“Vaak word je op een website doorverwezen van pagina naar pagina, waardoor ik het overzicht kwijt raakt. Ik weet door de nieuwe pagina’s niet meer waar ik heen moet. Ook vind ik het moeilijk om zoekopdrachten in bijvoorbeeld Google te formuleren. Vaak typ ik ontzettend lange zinnen, omdat ik het moeilijk vind om deze zinnen in te korten.”

Zou je dan liever hebben dat nieuwe pagina’s in een apart tabblad worden geopend, of liever hetzelfde tabblad?

“Het liefste natuurlijk zo min mogelijk nieuwe pagina’s. Als er meer tabbladen zijn dan vergeet ik wat op welk tabblad stond. Liever zou ik zo veel mogelijk informatie op één pagina zien.”

Zou er een manier zijn om dit overzichtelijker te maken?

“Het beste zou zijn om met zo min mogelijk woorden de boodschap over te brengen.”

iemand gebruikt een laptop

Je gaf al aan moeite te hebben met de brieven van het UWV. Zijn er ook online diensten waar jij geen of slecht gebruik van kan maken?

“Zeker de websites van het UWV en die van de Belastingdienst. Deze websites gebruiken te wollig taalgebruik waardoor de boodschap moeilijker te begrijpen is. Daarnaast staan deze sites vol met opties, waardoor het overweldigend kan zijn.”

Zijn er andere, niet-overheidswebsites, waar je makkelijker gebruik van kunt maken?

“Ook op webshops zoals Coolblue raak ik snel het overzicht kwijt doordat ik van pagina naar pagina ga. Ik probeer het voor mezelf makkelijker te maken maar dit is tot nu toe nog niet gelukt. Er is niet echt een specifieke website die ik makkelijk kan gebruiken. RTL Nieuws kon ik voorheen goed gebruiken, totdat de hele website veranderd is. Nu is het voor mij moeilijk om artikelen te lezen.”

Wat voor telefoon gebruik je eigenlijk?

“Ik heb een iPhone en die zou ik nooit willen inwisselen voor bijvoorbeeld een Samsung. Mijn moeder heeft een Samsung gehad en daar kon ik niet mee overweg, omdat er zo veel opties waren. De iPhone is duidelijker en daardoor makkelijker te gebruiken.”

Welke tip heb je voor webdevelopers die toegankelijke websites en apps willen maken?

“Probeer vooral zo min mogelijk tekst te gebruiken om een boodschap over te brengen. Ook is het fijn als er niet continu wordt doorgelinkt naar andere pagina’s, maar informatie op de pagina zelf vermeld staat.”

Hoe hebben de maatregelen omtrent het coronavirus invloed gehad op jouw gebruik van digitale media?

Ik heb niet echt veel gewerkt thuis. Wel heb ik een aantal online cursussen gevolgd, die waren makkelijk te vinden en te volgen. Voor de rest heb ik niet veel thuis kunnen werken, want al mijn werk lag op kantoor. Van maart tot mei heb ik thuis gezeten, daarna kon ik wel weer op kantoor werken.”

Jouw werkgever is ook wel uitzonderlijk eigenlijk hè, kun je iets meer vertellen over Kentalis als werkgever en de coaching die je ontvangt vanuit deze organisatie?

“Om de 2 tot 3 weken hebben Annemiek en ik gesprekken op kantoor. Tijdens de coronaperiode is er qua coaching eigenlijk niets gebeurd, toen had ik natuurlijk ook geen hulp nodig omdat ik geen werk had. De focus van de coaching ligt namelijk echt op het werk.”

Annemiek: “Ik ken Cindy ook al heel lang, ik heb haar al bij meerdere werkgevers begeleid. Ik ben zelf ook in dienst van Kentalis, waardoor we een intern coachtraject hebben kunnen opzetten. Verder kennen wij elkaar inmiddels zo lang dat het niet meer alleen over de functionele aspecten van werk gaat. Cindy is zo erg gegroeid dat dit niet altijd meer nodig is. Voor zaken als afspraken bij het UWV of de Belastingdienst ga ik wel vaak mee, maar qua werk is dat niet meer nodig.”

Dat is leuk om te horen! Hoe lang kennen jullie elkaar precies? 

Cindy: “Sinds ik 18 ben, nu al 11 jaar. Het is begonnen toen ik zelf begon met werken eigenlijk. Er zijn wel onderbrekingen geweest tussendoor. Op momenten dat ik zelf geen werk had, was er ook geen coaching. Ik heb van Annemiek veel coaching op de werkvloer gekregen bij verschillende werkgevers. Dit heeft mij geleerd om beter voor mijzelf op te komen. In het begin vond ik dat heel moeilijk, nu gaat het steeds beter.”

een spraakballon gemaakt van papiertjes

Heb je tips voor anderen met TOS?

Annemiek: “Het is altijd verstandig om bij een arbeidsovereenkomst te laten checken of er begeleiding mogelijk is. Als er een diagnose is lukt dit vaak wel via het UWV, maar nog niet altijd. Instanties zoals Kentalis kunnen helpen bij het beantwoorden van vragen. Hier kunnen mensen altijd terecht.”

Cindy: “Ik zou ook Spraaksaam willen vermelden. Dit is een organisatie voor jongeren, van circa 12 tot 30 jaar, met TOS. Daar worden leuke dingen gedaan voor mensen met TOS. Zo worden er dagjes uit en kampen georganiseerd. Dagjes uit etcetera. Het is fijn om zo met jongeren die ook TOS hebben in contact te komen. Sociale informatie via bijvoorbeeld WhatsApp of andere media is moeilijk te volgen. Daarom is het fijn om mensen met TOS om je heen te hebben. Als alle communicatie via social media gaat en je hebt een taalverwerkingsprobleem is dat lastig. Hierdoor kan je het gevoel krijgen dat je buitengesloten wordt.”

Bedankt Cindy!

Hartelijk bedankt voor jullie tijd Cindy en Annemiek! Voor jongeren met TOS is het van belang om van elkaar te leren. Zo leer je beter voor jezelf opkomen. Voorlichting speelt hier een belangrijke rol in. Cindy geeft zelf samen met haar moeder voorlichting aan jongeren en ouders. Afspraken en informatie kan bij Meike worden geregeld via [email protected].

Toegankelijkheidsonderzoek gemeentes Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht

Door Spraakapraxie & Dysartrie Geen Reacties

Vanaf 23 september zijn (semi-)overheidswebsites wettelijk verplicht om te voldoen aan de richtlijnen rondom digitale toegankelijkheid. In de praktijk betekent dit niet dat deze websites vanaf 23 september compleet toegankelijk moeten zijn. Gemeenten en andere overheidsorganen moeten in ieder geval de huidige situatie in kaart hebben gebracht en een actieplan hebben opgesteld om te zorgen dat de websites wél toegankelijk worden. 

Ambtenaren hebben te weinig kennis over digitale toegankelijkheid

Zoals eerder in dit artikel op Digitaal Toegankelijk.com te lezen was, zijn veel ambtenaren nog niet voldoende bekend met digitale toegankelijkheid. Het overgrote deel van de ondervraagde ambtenaren gaf aan nog te weinig kennis over het onderwerp te hebben.

Onderzoek naar toegankelijkheid gemeentesites

Maar welke gevolgen heeft dit tekort aan kennis voor de toegankelijkheid van gemeentesites? Om daarachter te komen, deden we een klein onderzoek naar de digitale toegankelijkheid van de websites van de vier grootste steden van Nederland: Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht.

De websites zijn getest op enkele onderdelen van de webrichtlijnen voor toegankelijkheid. Per resultaat worden de testscores van de vier websites vermeld. 

Toegankelijkheid met toetsenbord

Niet iedereen kan even gemakkelijk gebruik maken van een muis of touchpad om door websites te navigeren. Deze groep is gebaat bij websites die eenvoudig via het toetsenbord zijn te gebruiken. Belangrijke features zijn bijvoorbeeld schakelen van opties met tab en shift + tab om terug te gaan naar de vorige optie. In het artikel ‘websites optimaliseren voor gebruikers van een toetsenbord’ worden enkele praktische tips behandeld voor developers.

Toegankelijkheid toetsenbord gemeente Amsterdam

De website van gemeente Amsterdam maakt het gebruikers van een toetsenbord gemakkelijk door een optie aan te bieden waarmee gebruikers direct naar de ‘body’ van de tekst kunnen. Dit scheelt bezoekers veel tijd en moeite. Met het toetsenbord kan gemakkelijk de cookie waarschuwing worden weggeklikt. Wel zijn er enkele items met een ‘tabindex’ waarde hoger dan 0 op de website gevonden. Deze index score staat voor een bepaalde volgorde in toetsenbordnavigatie, waardoor het meer moeite kost om de juiste volgorde aan te houden.

De header van de website van gemeente Amsterdam met de 'direct naar inhoud' optie.
Afbeelding: De header van de website van gemeente Amsterdam met de ‘direct naar inhoud’ optie.

Het eerste dat opvalt op de website van Den Haag is de afwezigheid van een cookie waarschuwing. Gebruikers worden dus niet op de hoogte gesteld van marketingsoftware die hun surfgedrag bijhoudt, terwijl de site trackingcodes bevat van onder andere Google Analytics, Hotjar en Google Tag Manager. Wel is de website uitstekend te gebruiken via het toetsenbord. Ook hier wordt een korte route naar de belangrijkste content geboden via een knop in het menu. De knop die geselecteerd wordt is bovendien voorzien van extra contrast, waardoor het onderscheid makkelijk te maken is.  

'Informatie voor ondernemers' wordt momenteel geselecteerd en is voorzien van arcering.
Afbeelding: ‘Informatie voor ondernemers’ wordt momenteel geselecteerd en is voorzien van arcering.

Toegankelijkheid toetsenbord gemeente Utrecht

De cookie notice van gemeente Utrecht is eenvoudig via het toetsenbord weg te klikken. Dit is de enige website waar geen extra opties verschijnen zodra het toetsenbord wordt gebruikt om te navigeren. Je kunt dus ook niet snel naar de belangrijkste content navigeren. Los hiervan werkt het navigeren via het toetsenbord wel. Een verbeterpunt voor Utrecht is het arceren van de optie die op dat moment actief is, zoals Den Haag wel heeft. 

Toegankelijkheid toetsenbord gemeente Rotterdam

De laatste gemeente van de vier, Rotterdam, is net als de andere vier websites goed te gebruiken via het toetsenbord. Ook hier wordt de gebruiker een korte route naar de belangrijkste content aangeboden.

Gebruik van een schermlezer

Een schermlezer leest gebruikers de website voor, zodat ook mensen met een visuele beperking hun weg kunnen vinden op deze website. Helaas gaat het vaak fout, zo worden knoppen niet voorzien van labels, zodat schermlezers niet weten wat er achter de knoppen zit. Op deze manier is het voor bezoekers gokken wat voor pagina er achter hyperlinks zit. Voor veel mensen is het moeilijk voor te stellen hoe zo’n schermlezer in zijn werk gaat. Onze blogger Ed legt in onderstaande video uit hoe voorleessoftware werkt.

Filmpje waarin blogger Ed laat zien hoe hij gebruik maakt van voorleessoftware.

De standaard schermlezer van iPhone, VoiceOver, heeft geen moeite om de website van Amsterdam voor te lezen. Knoppen en hyperlinks zijn juist gelabeld. Ook op de websites van Rotterdam en Utrecht zijn geen niet-functionerende items gevonden voor de schermlezer.

Vrijwel ieder aspect van de website DenHaag.nl is te begrijpen met de schermlezer. Ook hier zijn de hyperlinks en knoppen op de homepagina goed gelabeld. Echter, ze gebruiken ook ronde knoppen die naar het volgende blok op de website gaan. Deze zijn niet voorzien van een label, waardoor VoiceOver deze ‘onuitspreekbaar’ noemt. Wel is de webpagina achter de link naast de knop uitgeschreven.

Zelf aan de slag om een website toegankelijker te maken? In een eerder artikel op Digitaal Toegankelijk.com is het het optimaliseren van websites voor een schermlezer beschreven.

Voorleesfunctie

Voor sommige gebruikers kan het lezen van grote teksten een uitdaging zijn. Om het deze groep mensen makkelijker te maken hun digitale weg te vinden, kunnen websites de optie bieden om een website voor te laten lezen. Rotterdam is de enige gemeente uit de test die deze optie op de website heeft staan. Helaas werkte deze functie op het moment van de test niet op desktop of mobiele apparaten. 

Contrast

Web developers kunnen kleurcontrast gebruiken om ervoor te zorgen dat bezoekers met een visuele beperking teksten goed kunnen lezen. In de webrichtlijnen van het WCAG is een minimaal kleurcontrast van 4,5:1 vastgesteld. De websites van Amsterdam, Den Haag en Utrecht bevatten contrasten die voldoen aan deze ratio. Alleen de iconische groene en witte kleuren van de website van Rotterdam voldoen niet aan de ratio.  

De contrast ratio van de tekst 'Lees meer' op Rotterdam.nl is niet voldoende.
Afbeelding: De contrast ratio van de tekst ‘Lees meer’ op Rotterdam.nl is niet voldoende.

Labels links en afbeeldingen

Labels op hyperlinks en afbeeldingen geven gebruikers van onder andere schermlezers aan wat zich op de afbeelding of achter de link bevindt. Als deze link ontbreekt, ontbreekt dus ook de context voor deze mensen. Alleen de website van Rotterdam had enkele links die niet gelabeld waren, de overige websites waren alledrie voorzien van de juiste labels.  

Vergroten tot 200%

De ideale grootte van de tekst van een website is niet voor iedereen hetzelfde. Sommige gebruikers hebben baat bij (aanzienlijk) veel grotere letters dan anderen. De WCAG raadt aan om het mogelijk te maken om websites tot 200% te kunnen vergroten. Belangrijk is dat de websites geen functies verliezen als de tekst vergroot wordt. Tijdens de test is gebleken dat alle vier de websites voldeden aan deze richtlijnen.

In het artikel ‘Hoe zorg ik ervoor dat ik de tekst op mijn website kan vergroten?’ worden enkele praktische tips behandeld voor developers en website eigenaren. 

Ondertitelen van video’s

Het lijkt bijna overbodig om te vermelden, maar helaas is het nog steeds nodig. Video’s zonder ondertiteling worden door mensen met een auditieve beperking niet begrepen. YouTube heeft weliswaar een functie die video’s vanzelf voorziet van ondertiteling, maar de kwaliteit van deze ondertitels laat vaak te wensen over. 

Per website is een steekproef van vijf video’s genomen. 

Een screenshot van de video op Amsterdam.nl. Rechts kunnen gebruikers kiezen tussen de verschillende talen.
Afbeelding: Een screenshot van de video op Amsterdam.nl. Rechts kunnen gebruikers kiezen tussen de verschillende talen.

Conclusie

Goed nieuws voor de vier onderzochte gemeenten (en hun inwoners): over het algemeen zijn de websites redelijk digitaal toegankelijk. Hierdoor zijn alle vier de websites voor mensen met een auditieve, visuele of motorische beperking goed te gebruiken. Helaas is er geen website gevonden met een ‘perfecte’ score. Voor iedere gemeente is er werk aan de winkel op het gebied van digitale toegankelijkheid. Goed om te weten is dat deze overheidswebsites beter scoren dan de vijf banken die eerder zijn onderzocht.

Maar, hoe kunnen deze (en andere) websites zorgen dat hun digitale omgeving nog inclusiever wordt? Dit begint bij het secuur in kaart brengen van de huidige situatie, door middel van een toegankelijkheidsonderzoek. Uit dit onderzoek komen punten naar voren, welke hierna direct verbeterd kunnen worden. Digitaal Toegankelijk.com ondersteunt websites bij het ontwikkelen van een toegankelijke website. Voor meer informatie kunt u vrijblijvend contact opnemen met de specialisten van Digitaal Toegankelijk.com.

Digitaal toegankelijk

Digitale toegankelijkheid nog niet voldoende bekend onder ambtenaren

Door Apps & Websites, Wetgeving Geen Reacties

Recent onderzoek van Ambtenarenpanel wijst uit dat ambtenaren nog niet voldoende kennis hebben van digitale toegankelijkheid. Uit de onderzoeksresultaten blijkt dat nog ze niet goed genoeg bekend zijn met de wettelijk verplichte eisen rondom digitale inclusie.

Het onderzoek

De enquête is gehouden onder 530 ambtenaren die vooral werkzaam zijn bij de rijksoverheid (31%) en de gemeente (47%). De precieze samenstelling van de onderzoekspopulatie is terug te lezen in dit verslag van Publiek Denken

Slechts een kwart van de ondervraagden gaf aan volledig bekend te zijn met digitale toegankelijkheid, bijna een vijfde zei helemaal niet bekend te zijn met het onderwerp. Gelukkig gaf een meerderheid (63%) aan dat zijn/haar organisatie wél actief bezig was om digitaal toegankelijker te worden. 

Driekwart van de ambtenaren is niet volledig bekend met digitale toegankelijkheid

Zorgwekkender is het feit dat bijna de helft van de respondenten (45%) niet op de hoogte was van de wettelijke verplichtingen omtrent digitale toegankelijkheid. Deze verplichting gaat op 23 september 2020 in. Meer informatie over deze eisen worden verder in dit artikel besproken. 

De overheid heeft de ernst van de zaak al langer ingezien. De afgelopen jaren zijn er daarom, naast de nieuwe wettelijke verplichting, verschillende initiatieven in het leven geroepen die overheidsinstellingen moeten ondersteunen bij het doorvoeren van digitale toegankelijkheid. Voorbeelden hiervan zijn Gebruiker Centraal, Direct Duidelijk en Programma Digital Inclusie. Deze twee programma’s waren bij respectievelijk 27%, 18% en 15% van de respondenten bekend. Overige initiatieven scoorden nog slechter. De meerderheid van de respondenten (55%) was niet bekend met deze programma’s. 

Het belang van digitale toegankelijkheid

Juist in de tijden waarin werken, studeren (en praktisch leven) vanuit huis de nieuwe norm is geworden, is het van belang dat deze online omgevingen door iedereen op dezelfde manier gebruikt kunnen worden. Helaas worden gebruikers van een website vaak nog als een homogene groep gezien, met slechts één manier van internetten. In de praktijk zijn er tientallen manieren waarop mensen websites bezoeken en gebruiken. 

Voor mensen met een beperking geldt dat niet iedere website even toegankelijk is. Veel websites en apps functioneren niet in combinatie met een schermlezer of bij gebruik van slechts een toetsenbord. Hierdoor kan deze groep mensen niet of nauwelijks hun weg vinden op deze websites. Zeer vervelend als je het recept voor een stoofschotel niet kan lezen, maar het is pas echt problematisch als je niet kunt internetbankieren, je belastingaangifte kunt doen of online boodschappen kunt bestellen.

Zo bleek uit onderzoek van Digitaal Toegankelijk.com dat vrijwel alle Nederlandse supermarkten niet voldoen aan de eisen rondom digitale toegankelijkheid. Ook het bankwezen laat steken vallen op dit gebied, zo bleek uit eerder onderzoek van hetzelfde platform.

Verplichte digitale toegankelijkheid voor overheidsorganisaties

Voor (semi-)overheidsorganisaties gelden specifieke eisen rondom digitale toegankelijkheid. Uiteraard moet een website, app of ander digitaal platform voldoen aan de toegankelijkheidseisen van het WCAG. Voorbeelden van deze eisen zijn bijvoorbeeld het toevoegen van ondertitels bij video’s, het gebruiken van juiste contrastratio’s en het toevoegen van labels voor knoppen.

Overheidsorganisaties hebben tot 23 september om (minstens) een toegankelijkheidsverklaring opgesteld te hebben. 

Die verkrijg je door eerst de huidige situatie duidelijk in beeld te brengen door een toegankelijkheidsonderzoek. Uit het onderzoek blijkt vervolgens welke aspecten direct verbeterd kunnen worden en welke in de nabije toekomst aangepast kunnen worden. Een overzicht hiervan wordt gepubliceerd in de verplichte toegankelijkheidsverklaring

Hoe zorg je ervoor dat je voldoet aan de regels vóór 23 september?

De overgrote meerderheid van de ondervraagde ambtenaren in het onderzoek (40% vindt het zeer belangrijk, 4% belangrijk) vindt dat er stappen ondernomen moeten worden voor meer digitale toegankelijkheid. Goed om te horen, maar wat kunnen (semi-)overheidsorganisaties doen om dit plan in de praktijk te brengen?

Toegankelijkheidsonderzoek

De eerste stap in het proces is altijd het uitvoeren van een toegankelijkheidsonderzoek. Dit onderzoek brengt niet alleen de toegankelijkheid van de website of app in kaart maar geldt ook als opzet voor de verbetering hiervan. 

Digitaal Toegankelijk.com voert toegankelijkheidsonderzoeken uit, adviseert organisaties op het gebied van digitale toegankelijkheid en heeft zelf ervaren developers aan boord om verbeteringen zelf door te voeren. Uw organisatie digitaal inclusief? Neem contact met ons op voor meer informatie.

Digitaal toegankelijk

Waarom digitale toegankelijkheid een hoge prioriteit moet zijn voor webwinkels

Door Apps & Websites, Wetgeving Geen Reacties

De digitale transformatie is in de afgelopen maanden vanwege het COVID-19 virus in een versnelling geraakt. Thuiswerken werd het nieuwe normaal en producten en diensten werden meer dan ooit tevoren afgenomen via het internet.

Keerzijde van de digitalisering
Deze digitale transformatie kent ook een keerzijde, met name voor de fysieke winkels en detailhandelaren. Alhoewel deze tijdens de ‘slimme lockdown’ open mochten blijven, is het aantal bezoekers sterk afgenomen. De consumenten die wel de deur uitgaan en de winkelstraat bezoeken besteden hier aanzienlijk minder tijd dan vóór de corona-uitbraak en bezoeken – logischerwijs – ook minder winkels.     

De digitale transformatie na COVID-19
De verminderde drukte in de winkelstraten kan op een aantal manieren worden verklaard. Ten eerste hebben consumenten goede redenen om zo voorzichtig mogelijk te zijn en daarom zo veel mogelijk thuis te blijven. Daarnaast zijn veel consumenten simpelweg gewend geraakt aan de gemakken van het online bestellen van producten of afnemen van diensten.

De Rabobank laat weten dat ook na de stapsgewijze opheffing van de slimme lockdown, winkeliers in onzekerheid blijven verkeren. De omzet valt nog altijd tegen en deze weegt nauwelijks op tegen vaste lasten zoals de huurkosten van winkelpanden. Het is daarom belangrijker dan ooit tevoren voor winkeliers om over een goed functionerende- en digitaal toegankelijke webshop te beschikken.

Digitale toegankelijkheid wordt in de praktijk nog te vaak onderschat of niet serieus genomen

Digitale toegankelijkheid wordt nog steeds te vaak als een bijzaak gezien, terwijl dit bovenaan de prioriteitenlijst zou moeten staan. Sterker nog, het is zelfs wettelijk verplicht om goederen en diensten zo toegankelijk mogelijk aan te bieden. Deze zogeheten Wet gelijke behandelingen op grond van handicap of chronische ziekte (Wgbh/cz), geldt voor zowel overheidsinstanties als het bedrijfsleven en zowel op offline- als online gebied.

Domino’s pizza spant rechtszaak aan om onder digitale toegankelijkheid uit te komen
Toch voldoen nog veel bedrijven niet aan de digitale toegankelijkheidseisen. Enkele grote organisaties zijn hierdoor reeds al in justitiële problemen gekomen. Bijvoorbeeld de wereldwijd gevestigde pizzaketen Domino’s Pizza, waarvan de website ontoegankelijk verklaard werd. Domino’s werd daarom opgedragen om de website aan te passen. Echter, de pizzaketen was het hier niet mee eens en besloot de uitspraak aan te vechten. Met als reden dat er “geen duidelijke regels bestaan omtrent digitale toegankelijkheid”. Het aanvechten had geen succes. De vermeende onwetendheid en het gebrek aan inlevingsvermogen zijn het imago van Domino’s Pizza niet ten goede gekomen. Om nog maar te zwijgen over de opgelopen gerechtskosten. 

Minder omzet voor webwinkels als gevolg van een gebrek aan digitale toegankelijkheid

Een slecht toegankelijke website zorgt ervoor dat ongeveer driekwart van alle mensen met een beperking er niet in slaagt om hun aankoop af te ronden. Dit is een groot verlies voor de omzet, maar ook een zeer spijtige zaak voor iedereen met een beperking. Onderzoek uitgevoerd in het Verenigd Koninkrijk heeft uitgewezen dat maar liefst 82% van de mensen met een beperking meer zouden besteden als webwinkels toegankelijker waren.

Slechts 2% van de websites is volledig digitaal toegankelijk
Helaas hebben veel webwinkels de digitale toegankelijkheid nog niet op orde. Uit een recente wereldwijde analyse van maar liefst 10 miljoen verschillende websites, bleek dat slechts 2% volledig digitaal toegankelijk is. De grootste problemen werden ondervonden in pop-ups, knoppen, pictogrammen en formulieren van de sites.

Hoe kan je jouw webwinkel wél digitaal toegankelijk maken: een toegankelijkheidsonderzoek

Een niet digitaal toegankelijke website of webwinkel kan dus leiden tot omzetverliezen en negatieve publiciteit. Echter, voor veel bedrijven en organisaties is dit een volledig nieuw en soms onbekend aspect van de online verkoop en dienstverlening.

Eén van de eerste stappen in het proces van een volledig digitaal toegankelijke webwinkel is het opstarten van een toegankelijkheidsonderzoek, om zo de huidige situatie in kaart te brengen. Digitaal Toegankelijk.com helpt graag mee om jouw webwinkel zo inclusief mogelijk te maken. Wil je meer weten? Neem dan vrijblijvend contact op met een van onze specialisten en ontdek de mogelijkheden die dit onderzoek kunnen bieden.

Skip to content